Een autospuiter in de psychiatrie

Bij de NCvB-helpdesk kwam een vraag binnen van een psychiater over een 42-jarige man die is opgenomen op een psychiatrische afdeling met een atypisch klachtenpatroon. Er kan geen duidelijke psychiatrische stoornis worden vastgesteld en de vraag is of blootstelling in het werk een rol zou kunnen spelen en of nadere evaluatie noodzakelijk is.

De klachten van de man zijn sluipend ontstaan. Hij vertoont cognitieve klachten, is vergeetachtig en heeft vooral problemen met het korte termijn geheugen. Hij is snel afgeleid en zijn gedrag is veranderd bij een helder bewustzijn. Hij maakt zo nu en dan een sombere indruk. Hij werkt al langer dan acht jaar als autospuiter en tijdens het spuiten beschermt hij zich met een mondkap. Over de precieze stoffen waarmee hij heeft gewerkt, is nog niets bekend. Bij onderzoek zijn er geen psychotische klachten en een CT-scan van de hersenen laat geen afwijkingen zien. Loodintoxicatie is uitgesloten en de overige laboratoriumuitslagen vertonen geen afwijkingen. Kan sprake zijn van een chronische toxische encefalopathie (CTE)?

CTE kan zich bij autospuiters inderdaad ontwikkelen en dat gebeurt dan meestal sluipenderwijs met milde cognitieve functiestoornissen, vaak gecombineerd met depressieve klachten. Dat lijkt hier ook het geval en omdat er geen evidente andere verklaring voor het ziektebeeld lijkt te bestaan, wordt hij verwezen naar het Solvent Team. Na evaluatie volgens het protocol lijkt het waarschijnlijk dat deze man lijdt aan CTE ten gevolge van blootstelling in zijn werk aan oplosmiddelen.